Sterilisatie (vasectomie)
Er zijn verschillende mogelijkheden om ongewenste zwangerschap te voorkomen, zoals de anticonceptie pil, het condoom, het spiraaltje en sterilisatie. Alleen een sterilisatie kan beschouwd worden als een zeer veilige, definitieve vorm van anticonceptie. Met definitief wordt bedoeld dat sterilisatie in principe onomkeerbaar is. Een sterilisatie is dan ook alleen een goede keuze wanneer u zeker weet dat u geen kinderen (meer) wilt. Wié van beide partners zich laat steriliseren is een persoonlijke keuze. Het voordeel van sterilisatie bij de man is dat het een relatief lichte ingreep betreft, die poliklinisch onder lokale verdoving kan worden uitgevoerd. Door een onderbreking van de zaadleiders te bewerkstelligen wordt voorkomen, dat zaadcellen het zaadvocht bereiken bij de samenleving. Een sterilisatie is een eenvoudige ingreep en is niet van invloed op uw seksuele leven.
Voorbereiding voor de ingreep
De ingreep moet onder steriele omstandigheden gebeuren om infectie te voorkomen. Daarom dient u 2 dagen voor de ingreep het schaamhaar van de balzak te verwijden door middel van scheren of ontharing crème. U hoeft voor de ingreep niet nuchter te zijn (geldt alleen voor plaatselijke verdoving). Wanneer u bloed verdunnende middelen gebruikt (acenocoumarol, fenprocoumon, acetylsalicylzuur of carbasalaatcalcium) zal deze medicatie in overleg met uw behandelend arts enige dagen tevoren gestaakt zijn. Voor ná de ingreep neemt u een strak zittende onderbroek of zwembroek mee, die u zeker tot 24 uur na de ingreep moet aanhouden.
De ingreep
De vasectomie geschiedt onder plaatselijke verdoving. Na desinfectie van de balzak krijgt u een of twee injecties in de huid van de balzak. Vervolgens maakt de arts ter plaatse van de verdoofde huid een kleine snede waarbij hij de zaadleiders vrijmaakt. Van beide zaadleiders wordt een stukje verwijderd en de uiteinden worden afgebonden. Hierna worden zo nodig de wondjes weer gesloten met hechtingen, die na ongeveer 2 weken oplossen en dus niet verwijderd hoeven te worden. Tijdens de ingreep voelt u vaak een trekkend pijnlijk gevoel in met name de liezen, omdat de zaadleider door het lieskanaal loopt. De ingreep duurt ongeveer 10 minuten.

Na de ingreep
Na de ingreep komen er gaasjes op de beide wondjes die u 24 uur moet laten zitten. Geadviseerd wordt een strakke onderbroek of zwembroek te dragen gedurende de eerste dagen.
Om een nabloeding te voorkomen kunt u het de rest van de dag het beste rustig aan doen. Na één tot twee dagen kunt u het verband zelf verwijderen. Hierna mag u weer douchen ( baden is na 5 dagen weer mogelijk). Als de verdoving is uitgewerkt kan het gebied van de balzak en liezen pijnlijk worden. Hiervoor kunt u een pijnstiller nemen. Deze mag geen aspirine bevatten, omdat dit de kans op nabloedingen vergroot. U kunt dus wel Finimal, Paracetamol of Panadol gebruiken. De volgende dag kunt u in het algemeen weer aan het werk gaan. De eerste dagen na de operatie moet u zware werkzaamheden vermijden. Gedurende ongeveer 5 dagen moet u niet fietsen, sporten, zwemmen of zwaar tillen. Na 5 dagen is geslachtsgemeenschap weer toegestaan. Houdt u er dan wel rekening mee dat u nog niet steriel bent en voor adequate anticonceptie zorg draagt.
Vaststellen onvruchtbaarheid / Controle van het sperma
Na de ingreep bent u nog niet meteen onvruchtbaar. De eerste maanden na de operatie komen er bij de zaadlozing nog zaadcellen vrij. Daarom moet u in deze periode nog een voorbehoedsmiddel blijven gebruiken. Na tenminste 15-20 zaadlozingen, die u in ongeveer 3 maanden na de ingreep moet hebben, zijn de zaadcellen meestal verdwenen. Na deze periode wordt het zaadmonster onderzocht. Dit onderzoek is essentieel voor het vaststellen van onvruchtbaarheid.

Wat verder van belang kan zijn:
Er is een uiterst geringe kans dat de uiteinden van de zaadleiders weer aan elkaar groeien en er opnieuw doorgankelijkheid (en dus vruchtbaarheid) ontstaat. Ook al liet controle van het zaadmonster zien, dat geen zaadcellen aanwezig zijn, dan nog is hernieuwde vruchtbaarheid na langere tijd alsnog mogelijk. Dit komt echter heel weinig voor. Soms blijven in het zaadmonster veel zaadcellen aanwezig ,of worden nog beweeglijke zaadcellen gezien. In dat geval zal in overleg met uw uroloog een re-sterilisatie moeten plaatsvinden.
Een sterilisatie is in principe een definitieve ingreep, maar desgewenst kan een sterilisatie ongedaan gemaakt worden. Een hersteloperatie lukt echter niet altijd.
De ingreep heeft geen invloed op het mechanisme en het gevoel bij de zaadlozing. Aan het zaadmonster is met het blote oog niet te zien of iemand gesteriliseerd is. Het zaadmonster bestaat na sterilisatie uit met name prostaatvocht.
Zijn er risico’s verbonden aan een sterilisatie?